Landhuis in Drents landschap, 2013

 In 2010 is een royale kavel met een arbeidershuisje uit de jaren vijftig aangekocht. Het oude huisje was strak in de hoek recht tegenover de buren gesitueerd waardoor de voormalige bewoners zoveel mogelijk land overhielden voor het grazen van het vee. 

Om deze locatie te gebruiken voor nieuwbouw zou afbreuk doen zowel aan het huis van de buren als aan de nieuwbouw. Daarom werd er in overleg met de gemeente besloten om deze plek opnieuw in te richten. Sowieso zou de bestaande woning al geamoveerd worden. Door de nieuwbouw op te schuiven werd er voor beide eigenaren meer lucht gecreëerd. De bebouwing moest voldoen aan de voorwaarden van het buitengebied Essenlandschap. Een sobere, ingetogen verschijning in de vorm van een archetype woning was het uitgangspunt waarbij het hoofdgebouw en ondergeschikte bijbouw op gepaste afstand van de houtwal verankerd moesten worden.

Op de kavel was ruimte genoeg en is de oude houtwal in eer hersteld. Het is een mooie combinatie geworden van binnen- en buitenarchitectuur. Het ene onderdeel versterkt het andere waardoor het een uitgebalanceerd geheel geworden is. Voor het materialiseren van de bouw is hoofdzakelijk beton en Spaanse natuurlei toegepast (sober). Het geaccidenteerde terrein voorzien van diverse prairiegrassen rondom de woning (wat oorspronkelijk ook aanwezig was, zij het niet in grote mate) geeft het geheel een klassiek karakter. Het planten van deze prairiegrassen rondom de bebouwing biedt ruimte aan nieuwe biodiversiteit. Deze ontwikkeling is mooi waar te nemen vanaf het uitkragende betonnen terras op de zuidoostzijde. Het interieur is vanzelfsprekend een voortzetting van de opgebouwde architectuur. Sober en strak met als uitgangspunten beton, wit en eikenhout. De noordgevel is gesloten terwijl de zuidoostgevel uitbundig open is waardoor de natuur letterlijk binnen gezogen wordt. Rust en ruimte is derhalve het credo.